Alverzoening #3
Romeinen 5:12
Daarom, gelijk door één mens de zonde in de wereld ingekomen is, en door de zonde
de dood; en alzo is de dood tot alle mensen doorgegaan, in welke(=waaruit volgt dat) allen gezondigd hebben.
13 Want tot de wet was de zonde in de wereld; maar de zonde wordt niet toegerekend, als er geen wet is.
14 Maar de dood heeft geheerst van Adam tot Mozes toe, ook over hen, die niet gezondigd hadden in de gelijkheid van de overtreding van Adam, die een voorbeeld is van Hem, Die komen zou.
15 Doch niet, gelijk de misdaad, alzo is ook de genadegift. Want indien, door de misdaad van één, velen gestorven zijn, zo is veel meer de genade Gods, en de gave door de genade, die daar is van één mens Jezus Christus, overvloedig geweest over velen.
16 En niet, gelijk de schuld was door de één, die gezondigd heeft, alzo is de gift; want de schuld is wel uit één misdaad tot verdoemenis, maar de genadegift is uit vele misdaden tot rechtvaardigmaking.
17 Want indien door de misdaad van één de dood geheerst heeft door die éne, veel meer zullen zij, die de overvloed van de genade en van de gave der rechtvaardigheid ontvangen, in het leven heersen door die Ene, namelijk Jezus Christus.
18 Zo dan, gelijk door één misdaad de schuld gekomen is over alle mensen tot verdoemenis, alzo komt ook door één rechtvaardigheid de genade over alle mensen tot rechtvaardigmaking des levens.
19 Want gelijk door de ongehoorzaamheid van die éne mens velen tot zondaars gesteld zijn geworden, alzo zullen ook door de gehoorzaamheid van Een velen tot rechtvaardigen gesteld worden.
De volzin van Rom. 5:12 is niet af. “Gelijk door één mens de zonde in de wereld ingekomen is en door de zonde de dood, en alzo de dood tot alle mensen doorgegaan is, waaruit volgt dat allen gezondigd hebben….” Paulus valt hier, zoals hij zo vaker doet, zich zelf in de rede, om nader toe te lichten, dat onze dood niet het gevolg is van onze zonde, maar van Adams zonde. Het is, of hij vooruit zag, dat de mensen vers 12 verkeerd zouden vertalen, en daarom direkt uit het voorbeeld van de mensen tussen Adam en Mozes wilde aantonen, dat onze dood het gevolg is van Adams zonde. Wanneer Paulus vers 12 voltooid had, dan zou hij hebben geschreven: “Alzo ook komt door één Mens de gerechtigheid in de wereld en door de gerechtigheid het leven, en alzo gaat het leven tot alle mensen door, waaruit volgt dat allen dan rechtvaardig leven.”
Zeg nu niet, dat ik er maar een draai aan geef, want Paulus zegt bijna letterlijk hetzelfde in vers 18 en 19. Omdat het hier een zaak betreft van zo groot belang, geef ik hier die twee verzen in het Grieks, met de letterlijke vertaling er onder, en ik geef ze in twee kolommen, om alles naast elkaar te hebben.
|
Ara oun |
||
|
bijgevolg dan |
||
|
hoos |
|
houtoos kai |
|
zoals |
|
alzo ook |
|
di henos paraptoomatos |
|
di henos dikaioomatos |
|
door één misdaad |
|
door één rechtvaardigheid |
|
eis pantos anthroopous |
|
eis pantos anthroopous |
|
tot alle mensen |
|
tot alle mensen |
|
eis katakrima |
|
eis dikaioosin zoos |
|
tot veroordeling |
|
tot rechtvaardiging van leven |
|
hoosper gar |
|
houtoos kai |
|
evenals want |
|
alzo ook |
|
dia ts parakos |
|
dia ts hupakos |
|
door de ongehoorzaamheid |
|
door de gehoorzaamheid |
|
tou henos anthroopou |
|
tou henos |
|
van de éne mens |
|
van den éne |
|
hamartoloi |
|
dikaioi |
|
zondaren |
|
rechtvaardigen |
|
katestathsan |
|
katastathsonta |
|
zijn gesteld geworden |
|
zullen gesteld worden |
|
hoi polloi |
|
hoi polloi |
|
de velen |
|
de velen |
De lezer ziet bij vergelijking met de Statenvertaling, dat deze in vers 18 geprobeerd heeft, de volzinnen af te maken, die Paulus niet afgemaakt heeft. Paulus zet kortaf naast elkaar de ene misdaad en de ene rechtvaardigheid, de veroordeling en de rechtvaardiging; de vertaling vertelt — naar de Schrift — dat de genade over alle mensen komt, en — tegen de Schrift — dat de schuld van Adams misdaad over alle mensen gekomen is. Dat is niet naar de Schrift; de Schrift leert niet, dat de ene mens de schuld van de ander draagt: “De zoon zal niet dragen de ongerechtigheid des vaders, en de vader zal niet dragen de ongerechtigheid des zoons.” (Ezech. 18:26.) De gevolgen der zonde van een ander kunnen wij dragen; God bezoekt de misdaad tot in het derde en vierde geslacht, maar God legt de schuld van de een niet op de ander; daarvoor is schuld een veel te ernstig ding. In het 16e vers hoort het woord schuld ook niet te staan; de eerste keer staat het cursief, en ontbreekt dus in het Grieks; de tweede keer staat er in het Grieks niet aitia: schuld, maar krisis: oordeel.
De lezer ziet ook, dat in het 19e vers de vertaling geheel gelijk is aan het Grieks, behalve dat het woordje de voor velen weggelaten is. En dat is jammer, want dat heeft tot een verkeerde opvatting geleid.
Het woordje de is aanwijzend; het laat zien, dat met: de velen, mensen worden bedoeld, die reeds genoemd zijn. De velen van vers 15 zijn de alle mensen van vers 12; de velen van vers 19 zijn de alle mensen van vers 18. Vertaalt men niet de velen, maar velen, dan kan het eerste velen van vers 19 wel meer mensen omvatten dan het tweede, zoals dan ook de gebruikelijke opvatting is: allen, die in Adam zijn, zijn zondaren; allen, die in Christus zijn (een veel kleiner aantal) worden gerechtvaardigd. Maar vertaalt men: de velen, zoals er staat, dan is deze redenering niet meer houdbaar; dan zijn de eerste “de velen” dezelfden als de laatste “de velen.”
Luther vertaalt evenals de Statenvertaling velen. Sommige van de nieuwe vertalingen hebben: de velen; Voorhoeve, Menge en Elberfeld. Van Tichelen vertaalt: allen; de Leidse vertaling: die menigte mensen; Tekst en Uitleg: de talloos velen, en de nieuwe vertaling van het NBG talloos velen. De laatste vier zijn vrije en daardoor onjuiste vertalingen. De enige werkelijke vertaling van hoi polloi is: de velen.
En we lezen dus in vers 19: “Want evenals door de ongehoorzaamheid (het eten van de verboden vrucht) van de éne mens (Adam) de velen (alle mensen; zie vers 18 en vers 12) tot zondaars gesteld zijn geworden, alzo ook zullen door de gehoorzaamheid (de dood des kruises, Fil. 2:8 ) van de Ene (Christus) de velen (alle mensen, zie vers 18 en vers 12) tot rechtvaardigen gesteld worden.
Durft u het niet aan, lezer? Durft u niet te geloven, wat God zegt door Zijn apostel Paulus? Dat komt, omdat de gedachte van de eindeloze verdoemenis ons in de weg zit. Wanneer we geloven, wat de Schrift zegt, dan weten we, dat wie in Christus zijn, niet geoordeeld worden; dat wie niet in Christus zijn, voor de grote witte troon geoordeeld worden naar hun werken; (Openb. 20; Rom. 2.) dat wie het kwade gedaan hebben, verbolgenheid en toorn, verdrukking en benauwdheid zullen ondervinden. Hoe lang dat oordeel duurt, zegt de Schrift niet, maar ze zegt wél, dat het niet eindeloos is, want het oordeel wordt gevolgd door de tweede dood, en die tweede dood wordt te niet gedaan, en dan geeft Christus het koninkrijk over aan den Vader, opdat God zij alles in allen.
Er zijn geen mensen, die door de ongehoorzaamheid van Adam tot zondaars gesteld geworden zijn, of ze zullen ook door de gehoorzaamheid van Christus tot rechtvaardigen gesteld worden. Dát is de boodschap van Romeinen 5:12-19. Die in Hem geloven, nu al; die niet in Hem geloven, aan het einde der eeuwen, na het oordeel.
Recente reacties